Het formatieoverleg in Den Haag krijgt een steeds concretere vertaling naar de dagelijkse realiteit. Waar de onderhandelingen tot voor kort abstract en technisch leken, dreigt nu een maatregel die veel Nederlanders direct in hun portemonnee voelen. Uit gelekte stukken blijkt dat partijen als D66, VVD en CDA serieus kijken naar een verhoging van het eigen risico in de zorg. Het bedrag zou kunnen oplopen tot 440 euro per jaar.
Gelekte plannen maken zorgrekening politiek inzetbaar
Volgens ingewijden circuleren meerdere scenario’s aan de formatietafel. Daarbij gaat het niet om een symbolische aanpassing, maar om een verhoging van 15 tot 55 euro bovenop het huidige eigen risico van 385 euro. Officieel wordt gesproken over een inflatiecorrectie, maar in de praktijk levert deze stap naar schatting zo’n 800 miljoen euro op voor de rijksbegroting.
Dat geld is niet geoormerkt voor de zorg. Integendeel, het zou vooral worden ingezet voor andere beleidsprioriteiten, waaronder defensie. Daarmee wordt het eigen risico een dekkingsmiddel en geen zorginstrument meer. Dat is een wezenlijk andere politieke keuze dan vaak wordt gesuggereerd in het publieke debat.
Waarom defensie nu voorrang krijgt
De achtergrond van deze financiële schuif is helder. Nederland heeft zich binnen de NAVO gecommitteerd aan defensie-uitgaven van minimaal twee procent van het bruto binnenlands product. Door de oorlog in Oekraïne, structurele tekorten aan munitie en noodzakelijke modernisering van materieel staat die norm hoog op de politieke agenda.
De druk om die norm te halen is de afgelopen jaren sterk toegenomen. Bondgenoten kijken mee, en afwijken heeft geopolitieke gevolgen. Extra defensiegeld moet echter ergens vandaan komen. In een begroting die al onder spanning staat door zorgkosten, vergrijzing en klimaatmaatregelen, betekent elke extra euro automatisch een min elders.
De rekensom achter gesloten deuren
De keuze voor het eigen risico is geen toeval. Het is een relatief eenvoudig instrument dat snel geld oplevert en administratief al bestaat. Voor een beoogd minderheidskabinet dat stabiliteit wil uitstralen richting financiële markten en Brussel, telt vooral de uitvoerbaarheid op korte termijn.
Dat verklaart waarom juist D66, VVD en CDA hier samenkomen. Ideologisch verschillen ze flink, maar begrotingsdiscipline is een gedeelde noemer. De formatie is daarmee minder een ideologische strijd dan een boekhoudkundige puzzel.
Tijdnood vergroot de druk
De deadline speelt een cruciale rol. Rond 30 januari moet er een conceptakkoord liggen. Volgens bronnen zijn op veel dossiers nog geen echte knopen doorgehakt. Dat betekent dat maatregelen die snel door te rekenen zijn aantrekkelijker worden dan fundamentele hervormingen.
In zulke omstandigheden wint eenvoud het vaak van rechtvaardigheid. Complexe alternatieven zoals inkomensafhankelijke bijdragen verdwijnen naar de achtergrond, niet omdat ze inhoudelijk zwak zijn, maar omdat ze politiek en uitvoerend meer tijd vragen.
Wie de gesprekken leidt en waarom dat gevoelig ligt
Omdat informateur Letschert tijdelijk niet beschikbaar is, wordt verwacht dat Rob Jetten een coördinerende rol op zich neemt. Formeel gaat het om voorzitten en structureren, niet om inhoudelijk sturen. Toch ligt die keuze gevoelig.
Critici zien Jetten als uitgesproken op klimaat en progressieve thema’s, en vrezen dat zijn aanwezigheid symbolisch gewicht krijgt. Voorstanders wijzen erop dat voorzitten geen machtsgreep is. Besluiten vragen instemming van alle betrokken partijen. De beeldvorming doet er echter toe, zeker bij een maatregel die veel mensen raakt.
Wat patiënten daadwerkelijk merken
Voor burgers die ziekenhuiszorg of specialistische behandeling nodig hebben, is de impact helder. Het eigen risico wordt vaak al in de eerste maanden van het jaar volledig aangesproken. Een verhoging van 15 tot 55 euro betekent dus vrijwel zeker een directe extra uitgave.
Voor chronisch zieken en ouderen is dat geen theoretisch risico, maar een vast patroon. Zij bereiken het maximum jaarlijks. De maatregel raakt hen disproportioneel, terwijl zij geen invloed hebben op hun zorgbehoefte. Dat ondergraaft het argument dat een hoger eigen risico leidt tot bewuster zorggedrag.

Argumenten voor en tegen op een rij
Voorstanders benadrukken dat het eigen risico sinds jaren niet is aangepast, terwijl lonen en prijzen wel zijn gestegen. In die redenering is een beperkte verhoging verdedigbaar, mits gecombineerd met compenserende maatregelen zoals een hogere zorgtoeslag of ruimere betalingsregelingen.
Tegenstanders stellen dat zorgkosten geen keuze zijn en dat financiële drempels leiden tot zorgmijding. Dat risico is eerder al aangetoond in onderzoeken, onder meer door het Centraal Planbureau. Vooral mensen met lagere inkomens stellen zorg uit, met vaak hogere kosten op lange termijn als gevolg.
Politieke alternatieven blijven liggen
Er bestaan andere opties. Denk aan een inkomensafhankelijk eigen risico, een lager maximum per behandeling of een meerjarig plafond. Zulke varianten zijn eerder verkend, maar stranden vaak op complexiteit, uitvoeringsproblemen en politieke weerstand.
Ook aan de inkomstenkant zijn alternatieven denkbaar, zoals verschuivingen binnen fondsen of tijdelijke schuldfinanciering. Die keuzes vragen echter om politieke moed en een langere adem. In een formatie onder tijdsdruk winnen korte lijnen het meestal van structurele oplossingen.
Hoe uitzonderlijk is deze stap echt
Het eigen risico werd in 2008 ingevoerd en groeide in stappen naar het huidige niveau. Sindsdien is het bevroren. Dat maakt elke verhoging politiek beladen, maar niet historisch uniek. In andere Europese landen bestaan vergelijkbare eigen bijdragen, al zijn de systemen vaak minder abrupt aan het begin van het zorgjaar voelbaar.
Nederland kiest bewust voor zichtbaarheid. Dat vergroot de prikkel, maar ook de pijn. Juist daarom is elke aanpassing maatschappelijk explosief, zeker wanneer de opbrengst buiten de zorg wordt ingezet.
Wat nog onzeker is
Niets ligt vast. Het bedrag kan lager uitvallen, gefaseerd worden ingevoerd of gepaard gaan met compensatie via toeslagen. Ook een bredere deal, bijvoorbeeld met lagere premies of plafonds op medicijnkosten, behoort tot de mogelijkheden.
De uiteindelijke beslissing hangt af van doorrekeningen, politieke ruil en draagvlak. Tot het moment van witte rook blijft veel speculatief. Lekken zijn proefballonnen, geen besluiten.
Wat dit betekent voor huishoudens
Voor wie zorg gebruikt, is het verstandig rekening te houden met een hogere eigen bijdrage. Controleer betalingsregelingen bij de verzekeraar en kijk kritisch naar aanvullende pakketten. Huisartsenzorg blijft buiten het eigen risico vallen, maar veel vervolgzorg niet.
De kernvraag blijft politiek. Is het logisch om extra defensie-uitgaven te financieren via de zorgrekening van burgers die al weinig keuze hebben? Dat debat is nog lang niet afgerond.
De formatie gaat door, de rekensommen ook. Wie de rekening uiteindelijk betaalt, wordt steeds duidelijker. Praat mee, denk mee en deel uw visie. Het gesprek is nog niet gesloten.
Bron: dagelijksestandaard.nl