Vanaf 1 juli 2026 gaat het wettelijk minimumloon weer een stukje omhoog. Klein bedrag per uur, maar op jaarbasis tikt het door, ook in je vakantiegeld. Want dat percentage van 8 procent rekent gewoon mee met de nieuwe uurprijs.
Voor wie op of rond het minimum verdient, is dit het belangrijkste moment van het jaar om even op de loonstrook te kijken. Niet omdat je rijk wordt, maar omdat elke euro telt en het verschil tussen brutoloon en vakantiegeld voor veel mensen onduidelijk blijft.
Wat verandert er per 1 juli 2026?
Het wettelijk minimumuurloon voor werknemers van 21 jaar en ouder gaat per 1 juli 2026 van €14,71 naar €14,99 bruto per uur. Dat is een verhoging van €0,28 per uur, oftewel ongeveer 1,9 procent. De Rijksoverheid past het minimumloon twee keer per jaar aan: per 1 januari en per 1 juli.
De aanpassing volgt de gemiddelde ontwikkeling van de cao-lonen. Op die manier probeert de overheid de koopkracht van werknemers met de laagste inkomens enigszins op peil te houden. Voor jongeren van 15 tot en met 20 jaar gelden lagere percentages van dit volwassen minimum.
Sinds 1 januari 2024 bestaat er één wettelijk minimumuurloon voor heel Nederland. Dat klinkt logisch, maar lange tijd was het anders: er bestond eerst een minimum maandloon, en daaruit werd per sector teruggerekend naar een uurtarief. Sinds de hervorming verdient iemand met een 36-urige werkweek dus exact evenveel per uur als iemand met een 40-urige.
Hoe wordt vakantiegeld eigenlijk berekend?
Vakantiegeld, officieel vakantiebijslag, is wettelijk minimaal 8 procent van je bruto jaarloon. Werkgevers mogen meer geven, maar minder dan 8 procent mag in principe niet, behalve in een paar specifieke uitzonderingsgevallen die in de wet staan.
De opbouwperiode loopt van 1 juni tot en met 31 mei van het jaar erop. Het bedrag dat je in mei of juni krijgt uitbetaald, is dus het vakantiegeld over de twaalf maanden daarvoor. Veel werkgevers storten het in één keer in mei of juni, anderen verspreiden het over het jaar.
Belangrijk om te weten: vakantiegeld is bruto. Daar gaat dus nog loonbelasting overheen. Het bedrag dat netto op je rekening verschijnt, valt vaak lager uit dan mensen vooraf denken. Dat komt door de belastingtabel voor bijzondere beloningen, die meeweegt met je totale jaarinkomen.

Zoveel vakantiegeld levert het nieuwe minimumloon op
Bij een 36-urige werkweek tegen het nieuwe uurtarief van €14,99 kom je uit op een bruto jaarloon van ongeveer €28.061. Acht procent vakantiegeld daarvan is rond de €2.245 bruto op jaarbasis.
Werk je voltijds 40 uur, dan zit je op een bruto jaarloon van circa €31.179. Dat brengt het wettelijke vakantiegeld op ongeveer €2.494 bruto. Dit zijn afgeronde rekenvoorbeelden, je werkelijke bedrag hangt af van overuren, ploegentoeslagen, bonussen en de exacte uren die je hebt gewerkt.
Houd er rekening mee dat het vakantiegeld dat je in mei of juni 2026 hebt ontvangen, nog grotendeels werd berekend over de oudere uurtarieven. Het effect van de verhoging per 1 juli zie je dus pas volledig terug in de uitbetaling van mei of juni 2027.
Waarom dit voor veel werknemers belangrijk is
Voor wie van het minimumloon moet rondkomen, is vakantiegeld vaak meer dan een leuke extra. Het is een buffer voor de zomervakantie, een afbetaling van een rekening die al even wachtte, of het bedrag waarmee een huishouden een dure schoolperiode opvangt.
Tegelijk wordt vakantiegeld door de Belastingdienst gewoon als loon gezien. Dat betekent dat het meetelt voor toeslagen, voor de inkomensafhankelijke combinatiekorting en voor het toetsingsinkomen voor zorgtoeslag, huurtoeslag en kinderopvangtoeslag. Een hogere uitbetaling kan in zeldzame gevallen leiden tot iets minder toeslag.
Waar je op kunt letten
Een aantal aandachtspunten die handig zijn als je aan de onderkant van de loonschaal werkt:
- Controleer op je loonstrook of het juiste uurtarief wordt gehanteerd vanaf 1 juli 2026.
- Kijk of de opbouw van vakantiegeld zichtbaar is, vaak staat dit als aparte regel.
- Vraag bij twijfel je werkgever om een specificatie van de berekening.
- Bekijk je cao: sommige cao’s geven meer dan 8 procent of een vast minimumbedrag.
Werknemers met een uitzendcontract, oproepkracht of nul-urencontract hebben dezelfde rechten op vakantiegeld als vaste medewerkers. Het percentage van 8 procent geldt ook daar, alleen wordt het bedrag soms anders verwerkt, bijvoorbeeld per gewerkte week.
Wat het ministerie nog kan doen
De aanpassingen van het minimumloon worden vastgesteld door het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Het bedrag van €14,99 per 1 juli 2026 is officieel bekendgemaakt. Vakbonden pleiten al langer voor een sterker stijgend minimumloon, terwijl werkgeversorganisaties juist waarschuwen voor de gevolgen voor kleine bedrijven.
Voor de meeste werknemers met een minimumloon verandert er door de verhoging in de praktijk weinig in het dagelijks leven. Een paar tientjes per maand erbij, en in mei volgend jaar iets meer vakantiegeld. Geen revolutie, wel een steuntje in de rug. Wie zekerheid wil over de exacte berekening voor zijn of haar situatie, kan dat het beste navragen bij de werkgever of bij een financieel adviseur.
Ook geschreven door: Rijksoverheid.nl, BOVAG
Bron: Manly