Hoe vaak je aan wat er tussen de lakens gebeurt denkt, zegt iets over je persoonlijkheid

Hoe vaak je gedachten afdwalen naar seks, en waar precies, blijkt minder willekeurig dan je denkt. Een groot Amerikaans onderzoek koppelt jouw karakter aan de frequentie en het thema van je fantasieën. En de uitkomst is verrassender dan het cliché doet vermoeden.

Want wie denkt dat de uitbundige extravert of de openhartige avonturier de kroon spant, komt bedrogen uit. De cijfers wijzen een hele andere kant op. Tijd om eens rustig door dat lijstje persoonlijkheidstypes te lopen.

Wat het onderzoek precies deed

Onderzoekers van Michigan State University en Chapman University ondervroegen 5.225 volwassen Amerikanen tussen de 18 en 94 jaar oud. De gemiddelde leeftijd lag rond de 58. Ruim de helft van de deelnemers identificeerde zich als man.

De deelnemers vulden twee gestandaardiseerde vragenlijsten in. De eerste meette hoe vaak ze fantaseerden en over welke thema’s. De tweede bracht hun persoonlijkheid in kaart aan de hand van de Big Five: extraversie, vriendelijkheid, ordelijkheid, neuroticisme en openheid.

De fantasieën werden verdeeld over vier brede categorieën. Verkennend (zoals een trio of groepsseks), intiem (zoals romantiek met een partner), onpersoonlijk (zoals seks met een vreemde) en sadomasochistisch (zoals dominantie en onderwerping). De resultaten verschenen in vakblad PLOS One.

De brave types fantaseren minder

De duidelijkste lijn in de data: mensen die hoog scoren op vriendelijkheid en ordelijkheid fantaseren minder vaak. Dat geldt over alle vier de categorieën. Of het nu om verkennende, intieme, onpersoonlijke of sadomasochistische scenario’s gaat, deze groep komt er minder vaak op uit.

Volgens de onderzoekers zit dat vooral in twee specifieke trekken: respect en verantwoordelijkheidsgevoel. Wie zichzelf omschrijft als beleefd, plichtsgetrouw en behulpzaam, ervaart fantasieën vaker als iets wat botst met de eigen waarden of plannen.

Dat betekent niet dat deze types een dor seksleven hebben. Het betekent simpelweg dat hun gedachten minder vaak afdwalen. De drempel om bewust ergens over te dagdromen ligt hoger.

Sombere stemming, meer fantasie

De groep die juist het vaakst fantaseert? Mensen met een hogere score op neuroticisme. Vooral het deelaspect dat met somberheid en piekeren samenhangt, blijkt sterk verbonden met de frequentie van seksuele dagdromen.

Dat is op het eerste gezicht tegen-intuïtief. Je zou denken dat een prettige stemming juist tot meer plezierige hersenspinsels leidt. De onderzoekers vermoeden dat fantasieën voor deze groep ook een vorm van afleiding of zelftroost kunnen zijn. Een mentaal pauzeknopje.

Belangrijk om te benadrukken: dit is een statistisch verband, geen oordeel. Veel fantaseren is op zichzelf niet ongezond, en weinig fantaseren ook niet. Het zegt iets over hoe je hoofd werkt, niet over je relatie of je seksuele welzijn.

Extraversie en openheid: minder belangrijk dan gedacht

Misschien wel de grootste verrassing zit aan de andere kant van de tabel. Extraversie en openheid, twee eigenschappen die je intuïtief met avontuurlijkheid associeert, lieten in dit onderzoek nauwelijks verband zien met de frequentie van fantasieën.

Met andere woorden: je hoeft geen feestbeest of bohemien te zijn om regelmatig af te dwalen. En andersom is een rustige introvert niet automatisch een fantasie-arme partner. Het cliché van ‘de extraverte avonturier in bed’ krijgt hier dus een flinke deuk.

De onderzoekers wijzen er wel op dat openheid en extraversie misschien meer iets zeggen over wélke fantasieën iemand heeft, dan hóé vaak. Daar is meer onderzoek voor nodig.

Wat heb je hier zelf aan?

Voor sekstherapeuten is dit soort data nuttig. Het kan helpen begrijpen waarom de ene partner regelmatig fantaseert en de andere bijna nooit, zonder dat er meteen iets mis hoeft te zijn met de relatie. Verschil in fantasiefrequentie is geen liefdesthermometer.

Voor jou als lezer is de les simpeler. Hoe vaak je hoofd op avontuur gaat, lijkt deels verklaard te kunnen worden door je karakter. Niet door je libido, niet door je partner en niet door je leeftijd alleen.

Er zijn ook beperkingen. De gemiddelde leeftijd lag relatief hoog en alle deelnemers kwamen uit de Verenigde Staten. Of de bevindingen één-op-één gelden voor jongere Nederlanders, valt nog te bezien. Maar de algemene patronen passen bij eerder werk over persoonlijkheid en gedrag.

De fantasie als spiegel

Wat je vooral kunt meenemen: een rijke fantasiewereld is niet hetzelfde als een rijk seksleven, en weinig fantaseren is geen teken van saaiheid. Het is een vingerafdruk van hoe je hersenen vrije momenten invullen.

Of je nu de plichtsgetrouwe planner bent of de piekeraar die in gedachten weleens afdwaalt, beide zijn volkomen normaal. Het onderzoek geeft vooral inzicht, geen voorschrift. Bij vragen of zorgen over je seksuele welzijn is het altijd verstandig je huisarts of een sekstherapeut te raadplegen.

Bron: Man-Man

Ook geschreven door: Scientias, Kek Mama, Women’s Health