Rob Jetten heeft de sleutels van het Catshuis in ontvangst genomen. Behalve een nieuwe functie en een drukke agenda levert dat ook een flink hogere loonstrook op. We zetten de bedragen op een rij.
Sinds 23 februari 2026 is het kabinet-Jetten een feit en levert D66 met Jetten de minister-president. Voor de 38-jarige Brabander, die van 2021 tot zijn aantreden fractievoorzitter in de Tweede Kamer was, is het een opvallende carrièrestap. En een die financieel zichtbaar is op zijn rekening.
Wat verdient een minister-president in Nederland?
Het salaris van de minister-president is volgens de Rijksoverheid 205.991 euro bruto per jaar. Daar zitten 8 procent vakantiegeld en 8,3 procent eindejaarsuitkering al in verwerkt. Een premier verdient hetzelfde als een gewone minister, er is dus geen toeslag voor de extra verantwoordelijkheid.
Naast het salaris is er een vaste onkostenvergoeding en een aantal voorzieningen die zijn geregeld in het Voorzieningenbesluit. Denk aan een dienstauto met chauffeur, beveiliging en bepaalde representatiekosten. Die voorzieningen vallen dus buiten het kale loon.
Een sprong van zo’n 64.000 euro
Als fractievoorzitter in de Tweede Kamer kwam Jetten op ongeveer 141.000 euro bruto per jaar uit, zo’n 11.750 euro per maand. Vergeleken met het premiersalaris is dat een stijging van ruim 64.000 euro, oftewel bijna 45 procent extra.
Helemaal nieuw is het bedrag niet voor hem. Tussen 2022 en 2024 was Jetten minister voor Klimaat en Energie en kreeg hij al het ministerssalaris op zijn rekening. Hij wist dus ongeveer wat er nu elke maand wordt overgemaakt.
En de staatssecretarissen dan?
Een staatssecretaris zit een stuk lager dan een minister. Volgens de Rijksoverheid is dat salaris 192.413 euro bruto per jaar, inclusief vakantiegeld en eindejaarsuitkering. Ook zij hebben recht op een vaste onkostenvergoeding en de standaard voorzieningen.
Het verschil van bijna 14.000 euro tussen minister en staatssecretaris klinkt fors, maar in de praktijk gaat het vooral om de zwaarte van het politieke mandaat. Een minister draagt eindverantwoordelijkheid voor een departement, een staatssecretaris werkt op een afgebakend deel daarvan.
De Balkenende-norm: het plafond in de publieke sector
Voor de bredere publieke sector geldt een wettelijk maximum dat in de wandelgangen vaak nog de ‘Balkenende-norm’ heet. In 2026 ligt dat plafond op 262.000 euro bruto per jaar. Topfunctionarissen zoals gemeentesecretarissen, provinciesecretarissen en griffiers mogen daar in principe niet bovenuit.
Onder bezoldiging wordt in die regeling het volledige pakket verstaan. Dat is meer dan alleen het basissalaris.
- Salaris
- Vakantiegeld
- Eindejaarsuitkering
- Belastbare onkostenvergoedingen
- Pensioenbijdragen
Een premier verdient minder dan veel topambtenaren
Opvallend is dat het premierssalaris ruim onder die 262.000 euro ligt. In de praktijk verdienen sommige topambtenaren, ziekenhuisbestuurders of directeuren van publieke organisaties dus meer dan de minister-president zelf. Dat zorgt al jaren voor discussie, want politiek gezien is de premier de hoogste bestuurder van het land.
Tegelijk is het bedrag in vergelijking met het bedrijfsleven bescheiden. Bestuurders van grote beursgenoteerde ondernemingen zitten al snel in een andere categorie, met miljoenen aan vaste en variabele beloning per jaar.
Wat dit betekent voor Jetten
Voor Jetten persoonlijk is de overstap dus vooral een verzwaring in werk, niet zozeer een radicale financiële sprong omhoog. Hij gaat van een al goed betaalde Kamerfunctie naar een ministerssalaris dat hij eerder ook al ontving. De portemonnee groeit mee, maar de echte verandering zit in de uren en de verantwoordelijkheid.
De komende maanden zal blijken hoe het kabinet-Jetten zich houdt als minderheidscoalitie van D66, VVD en CDA. Voor de bedragen op de loonstrook van bewindspersonen verandert er ondertussen niets: die liggen vast in de Wet rechtspositie ministers en staatssecretarissen.
Bron: Rijksoverheid.nl
Ook geschreven door: Manners.nl, Topinkomens.nl, Parlement.com