Wie regelmatig over de A7, A28 of A37 rijdt, kan zich maar beter vast instellen op hobbels en kuilen. Rijkswaterstaat trekt voorlopig de stekker uit het onderhoud aan rijkswegen in Friesland, Groningen en Drenthe. De reden is even simpel als zorgwekkend: het geld is op.
Wat is er precies aan de hand?
Volgens berichtgeving van het AD stopt Rijkswaterstaat de komende jaren met groot onderhoud aan de snelwegen in het noorden van het land. Het gaat dus niet om kleine reparaties, maar om de grootschalige werkzaamheden die normaal nodig zijn om asfalt, viaducten en tunnels in goede staat te houden.
Het noorden is daarmee de eerste regio waar het mes echt in gaat. Maar het is allesbehalve een lokaal probleempje. Het tekent een veel breder budgetprobleem dat al jaren boven het hoofd van de Nederlandse infrastructuur hangt.
Waarom is het geld op?
De Algemene Rekenkamer waarschuwde vorig jaar al dat het tekort bij Rijkswaterstaat voor instandhouding van wegen, bruggen en sluizen groter is dan eerder werd aangenomen. Materialen zijn duurder geworden, projecten zijn complexer dan verwacht, en intussen is een groot deel van onze infrastructuur uit de jaren zestig en zeventig aan een grondige opknapbeurt toe.
Daar komt bij dat de kosten voor instandhouding hard zijn opgelopen, terwijl het budget niet evenredig is meegegroeid. Brancheorganisaties als Bouwend Nederland luiden al langer de noodklok over een structureel budgettekort. Het noorden is nu simpelweg het eerste dossier waarbij die rekening keihard zichtbaar wordt.
Waarom juist Friesland, Groningen en Drenthe?
De keuze voor het noorden is geen straf, maar een planning-puzzel. Rijkswaterstaat moet keuzes maken en kijkt naar urgentie: waar zijn de wegen het zwaarst belast, waar dreigt acuut gevaar, en waar kan iets nog even wachten?
De rijkswegen in Friesland, Groningen en Drenthe zijn relatief minder druk dan bijvoorbeeld de Randstedelijke ringwegen. Met minder vrachtverkeer en minder slijtage komt onderhoud daar lager op het prioriteitenlijstje terecht. Dat is logisch, maar voor de regio voelt het wel weer als achteraan in de rij staan.
Wat merk je er als automobilist van?
Op de korte termijn: weinig spectaculair. Een snelweg waar onderhoud een paar jaar wordt uitgesteld, stort niet ineens in. Wel kun je rekenen op meer hobbels, slechter wegdek en hier en daar tijdelijke snelheidsbeperkingen waar het asfalt te slecht wordt.
Op de langere termijn is het verhaal minder rooskleurig. Hoe langer je onderhoud uitstelt, hoe duurder en ingrijpender de reparatie later wordt. Bovendien neemt het risico op plotselinge afsluitingen toe als bijvoorbeeld een viaduct of brug acuut versterkt moet worden. En afsluitingen betekenen in Nederland één ding: file.
Niet het enige project dat sneuvelt
Het schrappen van het onderhoud in het noorden staat ook niet op zichzelf. Volgens het AD is dit één van meerdere projecten die door het geldgebrek bij Rijkswaterstaat in de wacht worden gezet. Welke andere klussen precies worden geraakt, wordt de komende tijd duidelijk.
Voor reizigers en bedrijven betekent het dat de Nederlandse infrastructuur, ooit beroemd om zijn kwaliteit, langzaam onder druk komt te staan. Bouwers, vervoerders en gemeenten waarschuwen al langer dat het uitstellen van onderhoud uiteindelijk dubbel zo duur uitpakt.
En nu?
De politieke bal ligt bij het kabinet en de Tweede Kamer. Die zullen moeten beslissen of er extra geld bij komt of dat Nederland zich verzoent met een snelwegnet dat hier en daar wat verlepter wordt. Voor de regio’s in het noorden voelt het oncomfortabel: zij betalen via de belastingen mee, maar zien hun wegen voorlopig achteraan in de rij belanden.
Voor wie dagelijks de A7 of A28 op moet: hou rekening met meer oneffenheden, mogelijk lagere maximumsnelheden op slechte stukken en, vooral, meer geduld. Het asfalt wordt voorlopig niet beter. En de discussie over wie dat gat in de begroting gaat dichten, is nog lang niet voorbij.
Bron: AD
Ook geschreven door: RTV Drenthe, OOG Groningen, Telegraaf