Maandagochtend stond oud-premier Mark Rutte voor het tweede en laatste keer voor de parlementaire enquêtecommissie Corona. Degenen die op een verontschuldiging over de totale aanpak hoopten, zagen hun verwachtingen niet waargemaakt. Rutte handhaafde nagenoeg alle belangrijke besluiten van zijn regering, en diende slechts voor één keuze opnieuw zijn excuses in.
De lijn waaraan Rutte vasthield
Het beeld dat uit maanden van verhoren was gegroeid, kreeg vandaag nog een aanvullende bevestiging. Rutte staat onverminderd achter de centrale strategie van zijn regering. Het voorkomen van ‘code zwart’, het moment waarop ziekenhuizen zouden moeten bepalen welke patiënt nog een bed zou krijgen, was en blijft voor hem het centrale uitgangspunt.
Die keuze maakte volgens hem heftige ingrepen zoals schoolsluitingen en de avondklok uiteindelijk onvermijdelijk. En Rutte waarschuwt vast: als een volgend kabinet opnieuw stuurt op het voorkomen van code zwart, dan komen ook dan lockdown-achtige maatregelen weer op tafel. Dat is wat hem betreft de logica van de crisis.
Bergamo als schrikbeeld
Kamerlid Songül Mutluer probeerde Rutte gericht uit zijn tent te lokken. Waren er echt geen alternatieven voor de zwaarste maatregelen? Woog de commissie andere grondrechten, zoals het recht op onderwijs of bewegingsvrijheid, wel zwaar genoeg mee in de kabinetsbesluiten?
Rutte was niet te vermurwen. Als premier zei hij destijds doodsbang te zijn geweest voor een ‘Bergamo-scenario’, waarbij ziekenhuizen totaal zouden overlopen, zoals begin 2020 in Noord-Italië. Het beschikbaar houden van de zorg was voor hem het absolute crisisdoel. De rest, aldus de oud-premier, was daaraan ondergeschikt.
Eén keer sorry, en die kende iedereen al
Toch klonk er wel degelijk één mea culpa. Rutte bood opnieuw excuses aan voor de snelle versoepelingen in de zomer van 2021, in de periode die bekend werd onder de bijnaam ‘Dansen met Janssen’. Toen het eenmaligeJanssen-vaccin beschikbaar kwam, gingen de horeca en het uitgaansleven vrijwel meteen open.
Het gevolg was een explosieve stijging van besmettingen en een reeks nieuwe beperkingen kort daarna. Rutte heeft die versoepelingen al meermaals als fout benoemd. Dat hij het nu opnieuw doet, is niet nieuw. Nieuwe onthullingen of frisse spijtbetuigingen op andere punten bleven uit.
Kort lijstje ‘dat kan beter’
Wat wél iets nieuws opleverde, was het lijstje met kleinere verbeterpunten. Rutte zei bij een volgende crisis vaker de gekozen koers tussentijds tegen het licht te willen houden, in plaats van er strak aan vast te blijven zitten. Ook wil hij transparanter zijn over de dilemma’s achter een besluit.
Concreet betekent dat volgens hem: niet meer op een maandagavond droog aankondigen dat er een avondklok komt, maar ook uitleggen waarom andere maatregelen zijn afgevallen. Meer inzicht in de afweging, minder decreet-gevoel. Voor de rest bleef het opvallend stil op dat verbeterlijstje.

Irritatie over de appjes van collega’s
Ook de vorige week onthulde appjes van oud-ministers Ferdinand Grapperhaus en Hugo de Jonge kwamen voorbij. Daarin werden Kamerleden en senatoren die kritisch waren op het coronabeleid weggezet met termen als ‘soepjurkje’, ‘jankerd’ en ‘geriatrische beunhazerij’. Weinig fraaie taal, om het zacht te zeggen.
Rutte zei zelf ‘best een beetje geïrriteerd’ te zijn geweest dat die berichten naar buiten kwamen. Volgens hem hoort stoom afblazen bij het werk van bewindspersonen in crisistijd. Het landsbestuur noemde hij ‘de eredivisie’, en Grapperhaus en De Jonge ‘stevige bestuurders’. Hij verdedigt de toon niet, benadrukte hij, maar vindt dat het bij het leven hoort.
Verwijt van tunnelvisie
Een terugkerend thema in de verhoren is het vermoeden van tunnelvisie binnen de kleine groep die de coronacrisis leidde. Uit eerdere verhoren rees het beeld op dat het trio Rutte, De Jonge en Grapperhaus in de praktijk de dienst uitmaakte. Andere ministers en Kamerleden zouden weinig ruimte hebben gehad voor tegenspraak.
Rutte veegde dat beeld resoluut van tafel. Volgens hem besliste het hele kabinet mee, had de Tweede Kamer een stevige inbreng en dachten adviesorganen actief mee. Formeel is dat waar. Of de praktijk daar tijdens de pandemie ook aan voldeed, is precies waar de commissie in haar eindrapport een oordeel over zal moeten vellen.
Draagvlak en het slotakkoord
In het laatste blok van het verhoor ging het over vertrouwen en draagvlak. Rutte denkt dat ‘een heel groot deel van de samenleving’ snapte waarom bepaalde maatregelen nodig waren. Hij erkende dat er ook veel leed was, van eenzaamheid tot financiële schade, maar zei dat daar wél oog voor was.
Daarmee komt er een einde aan Ruttes optreden bij deze enquête. De commissie werkt de komende maanden toe naar haar eindrapport. Dat rapport bepaalt uiteindelijk hoe de politieke geschiedschrijving van ‘de coronajaren van Rutte’ eruit gaat zien, en of zijn verdediging op alle grote lijnen ook door de tijd overeind blijft.
Bron: AD