Het advies is dat het salaris van politici met DIT percentage moet worden verhoogd.

Op 13 februari 2026 verscheen een advies dat politiek Den Haag op scherp zet. Het Adviescollege Rechtspositie Politieke Ambtsdragers, kortweg Arpa, stelt voor om de salarissen van ministers, Kamerleden, wethouders en raadsleden de komende drie jaar fors te verhogen. Het rapport, onder leiding van Alexander Rinnooy Kan, ligt inmiddels op het bureau van het kabinet van Rob Jetten en zorgt voor felle reacties.

Wat staat er precies in het advies van Arpa?

Volgens het voorstel zouden ministers en staatssecretarissen er vijftien procent bij krijgen. Kamerleden gaan twaalf procent omhoog. In grote gemeenten stijgen de vergoedingen voor wethouders en raadsleden zelfs met achttien procent, verspreid over drie jaarlijkse stappen van zes procent.

Voor kleinere gemeenten wordt een gematigder traject geadviseerd, met een totale stijging van tien procent. Het college motiveert dit door te stellen dat het werk van politieke ambtsdragers de afgelopen jaren aantoonbaar zwaarder is geworden, zowel inhoudelijk als qua maatschappelijke druk.

Waarom vindt Arpa een salarisverhoging nodig?

In het rapport wordt benadrukt dat bestuurders te maken hebben met complexere dossiers, hogere werkdruk en toenemende agressie en intimidatie. Denk aan bedreigingen richting wethouders of ministers die onder politiebescherming staan. Dat legt volgens het college een zware wissel op het ambt.

Daarnaast wijst Arpa op de aantrekkelijkheid van het publieke ambt. Als salarissen te ver achterblijven bij vergelijkbare functies in het bedrijfsleven of de top van de ambtenarij, zou dat talent kunnen afschrikken. Een concurrerende beloning moet het ambt toegankelijk houden voor een brede groep kandidaten.

Hoe hoog zijn de salarissen nu?

Momenteel verdienen ministers en staatssecretarissen bruto bedragen die grofweg tussen de twaalf- en zestien duizend euro per maand liggen, afhankelijk van functie en toeslagen. Kamerleden zitten daar iets onder, maar nog altijd ruim boven het modale inkomen in Nederland.

Wethouders en raadsleden ontvangen vergoedingen die afhankelijk zijn van de grootte van hun gemeente. In grote steden kunnen wethouders al rekenen op een riant salaris. Met een verhoging van achttien procent komt daar een aanzienlijk bedrag bovenop.

Waarom komt er zoveel kritiek?

De timing van het advies zorgt voor opgetrokken wenkbrauwen. Veel huishoudens kampen met hoge energiekosten, stijgende huren en een krappe woningmarkt. Tegelijkertijd wordt gesproken over bezuinigingen op zorg en defensie, evenals hogere lasten voor middeninkomens.

Op sociale media klinkt dan ook forse kritiek. Gebruikers op platforms als Reddit en Instagram spreken over zelfverrijking en wereldvreemdheid. De vergelijking met sectoren als de zorg wordt vaak gemaakt: daar stijgt de werkdruk ook, maar blijven structurele salarisstappen vaak beperkt.

De rol van sociale media in het debat

Binnen enkele uren na publicatie ging het voorstel rond op X, Instagram en Reddit. Bekende accounts uit het politieke spectrum deelden fragmenten uit het rapport, vaak voorzien van scherpe commentaren en emotionele bewoordingen.

De toon varieert van cynisch tot ronduit verontwaardigd. Termen als kloof tussen burger en politiek, elitaire klasse en verkeerde prioriteiten keren regelmatig terug. De discussie beperkt zich niet tot het bedrag zelf, maar raakt aan breder wantrouwen richting de politieke elite.

Zijn hogere salarissen per definitie verkeerd?

De discussie verdient nuance. Politieke functies brengen grote verantwoordelijkheden met zich mee. Ministers en Kamerleden nemen besluiten over miljardenbegrotingen, internationale verdragen en nationale wetgeving. De druk is hoog en fouten liggen onder een vergrootglas.

Ook het risico op intimidatie is reëel. Burgemeesters en wethouders krijgen steeds vaker te maken met bedreigingen. Een eerlijke beloning kan gezien worden als erkenning van die verantwoordelijkheid. De vraag is echter of dit moment, met deze percentages, maatschappelijk draagvlak heeft.

Hoe verhoudt dit zich tot eerdere verhogingen?

Salarissen van politieke ambtsdragers zijn gekoppeld aan bepaalde referentiefuncties binnen de overheid. Daardoor stijgen ze periodiek mee met cao-ontwikkelingen. Een extra verhoging van twaalf tot achttien procent bovenop reguliere indexatie is dus uitzonderlijk.

Dat maakt het voorstel politiek gevoelig. Zeker nu vertrouwen in de politiek geen vanzelfsprekendheid is, wordt elke stap die kan overkomen als zelfbeloning kritisch bekeken. Het kabinet zal zorgvuldig moeten afwegen hoe dit besluit landt bij kiezers.

Wat betekent dit voor het kabinet-Jetten?

Voor het kabinet onder leiding van Rob Jetten ligt hier een lastige afweging. Het advies is niet bindend, maar volledig negeren ligt ook niet voor de hand. Wordt het voorstel overgenomen, dan volgt vrijwel zeker een fel debat in de Tweede Kamer.

Politieke tegenstanders zullen het gebruiken als voorbeeld van verkeerde prioriteiten. Voorstanders zullen wijzen op professionalisering van het ambt. De manier waarop het kabinet communiceert over dit onderwerp kan bepalend zijn voor het publieke sentiment.

De bredere vraag: wat is een eerlijke beloning voor macht?

De kern van het debat draait om rechtvaardigheid. Wat is een passende beloning voor mensen die beslissen over belastingtarieven, zorgbudgetten en defensie-uitgaven? En hoe verhoudt dat zich tot leraren, verpleegkundigen en politieagenten?

Transparantie en uitleg zijn cruciaal. Zonder heldere onderbouwing groeit het beeld van een gesloten kring die voor zichzelf zorgt. Met een open debat, inclusief vergelijking met andere topfuncties binnen en buiten de overheid, kan het gesprek constructiever worden.

Het voorstel van Arpa legt een gevoelig punt bloot: vertrouwen. Of de verhoging er komt of niet, het debat gaat verder dan percentages. Het raakt aan de relatie tussen burger en bestuurder. Wat vindt Nederland redelijk? Praat mee en deel de mening op Facebook, want dit onderwerp raakt iedereen.

Bron: AD.nl