Een hond in huis betekent vrolijke wandelingen, een hoop haren op de bank en, in sommige gemeenten, een fikse jaarlijkse rekening van de belastingdienst. Want of jij hondenbelasting betaalt, en hoeveel, hangt volledig af van je postcode. In 2026 lopen de verschillen verder uit elkaar dan ooit.
In de ene gemeente ben je nog geen 22 euro per jaar kwijt, in de andere meer dan 140. Voor precies dezelfde viervoeter. We zetten op een rij wat je kunt verwachten, waar de verschillen zitten en waarom de hondenbelasting eigenlijk bestaat.
Steeds minder gemeenten heffen hondenbelasting
De trend is al jaren duidelijk: de hondenbelasting is op zijn retour. In 2026 heffen nog 102 van de 342 gemeenten dit tarief, elf minder dan een jaar eerder. Tien jaar geleden moest je in twee derde van alle gemeenten betalen, nu in minder dan dertig procent.
Vooral in het noorden van het land is de belasting bijna helemaal verdwenen. Alleen Leeuwarden, Smallingerland en Vlieland houden er daar nog aan vast. Ook tien gemeenten die vorig jaar nog wel inden, stoppen er dit jaar mee. Onder hen De Bilt, waar baasjes vorig jaar nog 113,40 euro per jaar betaalden.
Wie nog wél betaalt, is vaak duurder uit
Dat de belasting in steeds meer gemeenten sneuvelt, betekent niet dat het overal goedkoper wordt. Sterker nog: in 89 gemeenten gaat het tarief in 2026 juist omhoog. In slechts zes gemeenten is het verlaagd.
Gemiddeld betaalt een hondenbezitter ongeveer 75 euro voor de eerste hond. In negentien gemeenten loopt dat op tot boven de honderd euro per jaar. De kloof tussen wel en niet betalen wordt dus groter, en wie pech heeft met zijn gemeentewapen draait er fors voor op.
Katwijk is opnieuw de duurste van Nederland
De twijfelachtige eer gaat voor het tweede jaar op rij naar Katwijk. Daar betaal je in 2026 maar liefst 142,18 euro per hond. Daarmee zit de Zuid-Hollandse gemeente bijna 67 euro boven het landelijk gemiddelde.
Achter Katwijk volgen Tilburg (132,28 euro) en Lisse (126,00 euro). De top drie wordt dus volledig bezet door gemeenten waar je meer dan 125 euro per jaar voor één hond kwijt bent. Wonen aan de Zuid-Hollandse kust met een labrador is dus geen goedkope hobby.
De duurste gemeenten voor de eerste hond in 2026:
- Katwijk: 142,18 euro
- Tilburg: 132,28 euro
- Lisse: 126,00 euro
En de voordeligste gemeente? Die ligt in het zuiden
Aan de andere kant van het spectrum zit Simpelveld in Limburg. Daar ben je slechts 21,96 euro kwijt voor je eerste hond, ruim zes keer minder dan in Katwijk. Ook het Gelderse Buren is met 29,00 euro per hond redelijk schappelijk.
Bijzonder zijn Valkenburg aan de Geul en Kerkrade. Daar is de eerste hond zelfs helemaal gratis. Pas vanaf je tweede hond ga je in die gemeenten betalen: respectievelijk 96,84 en 115,00 euro.

Een tweede hond? Reken op een fors hoger tarief
Wie meerdere honden heeft, ziet de rekening sneller stijgen dan je zou verwachten. In drie op de vier gemeenten wordt een tweede hond zwaarder belast dan de eerste. Het idee daarachter: meer honden, meer overlast, meer kosten voor de gemeente.
Het grootste verschil zie je in Nissewaard. Eén hond kost daar 99,22 euro per jaar, maar voor een tweede hond komt daar maar liefst 261,03 euro bovenop. Samen tikken twee honden in die gemeente dus af op 360,25 euro per jaar. Dat is bijna het dubbele van het landelijk gemiddelde van 185,82 euro voor twee honden.
De grootste stijgers en dalers van 2026
De grootste stijging zit dit jaar in Lisse. Daar ging de hondenbelasting met 24 procent omhoog, een toename van bijna 25 euro in één klap. Ook in Baarn kregen baasjes een flinke verhoging op de mat, van net geen 16 procent.
Er is gelukkig ook goed nieuws. In Hendrik-Ido-Ambacht en Venlo daalt het tarief in 2026 met bijna 30 procent. In Venlo is het bovendien het laatste jaar dat inwoners überhaupt hondenbelasting betalen. Daarna verdwijnt de heffing daar definitief.
Waar gaat dat geld eigenlijk naartoe?
Veel mensen denken dat de hondenbelasting netjes wordt besteed aan poepzakjes, prullenbakken en uitlaatgebieden. Dat is een hardnekkig misverstand. De opbrengst gaat naar de algemene middelen van de gemeente, die zelf bepaalt waar het geld aan wordt uitgegeven.
De belasting is dus geen geoormerkt potje voor hondenvoorzieningen, maar gewoon een inkomstenbron. Vergelijkbaar met de onroerendezaakbelasting of de toeristenbelasting. Dat verklaart ook waarom er al jaren politieke discussie is over de eerlijkheid van deze heffing: waarom wel een hondenbelasting, en geen kattenbelasting of konijnenbelasting?
Wat betekent dit voor jou?
De korte samenvatting: het aantal gemeenten met hondenbelasting daalt al jaren, maar wie nog betaalt is in 2026 vaak duurder uit dan voorheen. Katwijk spant de kroon met 142,18 euro per hond, terwijl je in Simpelveld voor minder dan 22 euro klaar bent.
Of je iets betaalt, en hoeveel, hangt volledig af van de gemeente waar je woont. Verhuisplannen met een teckel in huis? Het is misschien een kleine post op je rekening, maar over de jaren tikt het wel aan. En wie weet sneuvelt de hondenbelasting de komende jaren in nog meer gemeenten, want het einde lijkt voor deze heffing langzaam in zicht.
Bron: huisdierenverzekeringen.nl
Ook geschreven door: NOS, Hart van Nederland, Taxence