PostNL mag fors verhogen: slecht nieuws voor Nederlandse klanten

Een kaartje voor oma, een condoleance of gewoon een handgeschreven brief: in 2027 zullen dergelijke verzendingen waarschijnlijk aanzienlijk duurder worden. De ACM, toezichthouder op postale diensten, heeft PostNL de toestemming verleend om de portokosten voor standaardpost substantieel op te trekken. Dit zal zich waarschijnlijk in je portemonnee manifesteren.

PostNL krijgt concreet bijna 13 procent meer tariefruimte voor de Universele Postdienst. Zou het bedrijf deze volledige ruimte benutten voor de losse postzegel, dan stijgt de prijs van 1,40 euro naar ongeveer 1,58 euro. Dit zou de scherpste prijsstijging in de afgelopen drie jaar betekenen.

Van 1,40 naar bijna 1,60 euro

De ACM bepaalt niet zelf wat één postzegel mag kosten. De toezichthouder stelt vast hoeveel ruimte PostNL in totaal krijgt om zijn tarieven binnen de gereguleerde postmarkt te verhogen. Daarna verdeelt PostNL die ruimte over de verschillende producten.

Het definitieve tarief voor 2027 volgt later. Dat een fors deel van die ruimte richting de postzegel gaat, is echter geen wilde gok. De afgelopen jaren heeft PostNL vaker een groot deel van de beschikbare marge doorberekend aan de consument.

Voor wie zelden een brief post, klinkt een paar dubbeltjes verschil misschien niet dramatisch. Voor verenigingen, bedrijven en mensen die kaarten sturen tijdens de feestdagen tikt het wél aan.

Wie was ook alweer de baas van PostNL?

PostNL is het voormalige staatsbedrijf dat sinds 2011 zelfstandig aan de beurs staat. Het concern verdient tegenwoordig vooral aan pakketten, niet aan brieven. Topman Pim Berendsen waarschuwt al langer dat de brievenbustak zonder ingrijpen niet houdbaar is.

Volgens PostNL zelf leverde de traditionele postbezorging vorig jaar ongeveer 35 miljoen euro verlies op. Voor dit jaar wordt gerekend op zo’n 38 miljoen euro min. Berendsen gaf aan dat de verliezen daarna verder kunnen oplopen.

Opvallend detail: de post gaat juist trager

Wat de aankondiging extra prikkelend maakt, is de timing. Sinds 14 juli 2026 wordt gewone post standaard binnen twee dagen bezorgd, in plaats van de vertrouwde volgende dag. Voor veel Nederlanders was dat even wennen.

Die vertraagde bezorging is geen toevalligheid. PostNL kan hierdoor met ongeveer 18 procent minder postpersoneel toe. In principe zou je verwachten dat zo’n forse besparing de druk op de tarieven verlicht.

Toch zegt het bedrijf dat de winst uit die maatregel niet genoeg is. De hoeveelheid brieven blijft dalen, en dat holt de businesscase harder uit dan efficiëntieslagen kunnen bijbenen.

Waarom minder post juist duurder is

Het klinkt gek: minder werk, maar hogere kosten per stuk. Toch is dat precies het probleem waar PostNL en de ACM tegenaan lopen. De vaste kosten van een landelijk postnetwerk verdwijnen niet zomaar wanneer de brievenbus leeg blijft.

Ook in een straat waar nog maar twee brieven per week worden bezorgd, moet iemand die post afleveren. Routes blijven bestaan, sorteercentra blijven draaien, auto’s rijden. De kosten worden verdeeld over steeds minder poststukken, dus stijgt de prijs per brief.

Onder de Universele Postdienst vallen gewone brieven en kaarten. Dat is inmiddels nog ongeveer 15 procent van het totale postvolume, ofwel zo’n 200 miljoen stuks dit jaar. Vroeger lag dat een veelvoud hoger.

safe_image

E-mail en WhatsApp hebben het overgenomen

De reden voor die kaalslag is bekend. E-mail, WhatsApp, digitale facturen en online overheidsdiensten hebben de klassieke brief grotendeels vervangen. Veel Nederlanders gebruiken de post nog uitsluitend voor bijzondere momenten: een geboortekaartje, een condoleance, een verjaardag.

Voor jongere generaties is een handgeschreven brief bijna een curiosum geworden. Voor oudere Nederlanders blijft het juist een belangrijke vorm van contact. Die tweedeling maakt het lastig om de dienst “gewoon” af te bouwen.

36 miljoen extra omzet tegenover 38 miljoen verlies

De nieuwe tariefruimte levert PostNL naar schatting zo’n 36 miljoen euro extra omzet op. Dat bedrag ligt opvallend dicht bij het verlies dat het bedrijf op de gewone postbezorging maakt.

Met andere woorden: de prijsverhoging is min of meer bedoeld om het gat te dichten, niet om winst uit te breiden. Voor de consument voelt dat alsnog als een aderlating, zeker bovenop de eerdere verhogingen van de afgelopen jaren.

De ACM neemt bij haar besluit onder andere de dalende volumes, de kosten van PostNL en de inflatie mee. Het huidige percentage van bijna 13 procent is het resultaat van die rekensom.

Wat betekent dit voor jou?

Verstuur je nog regelmatig kaarten of brieven, dan is het slim om er rekening mee te houden dat een postzegel volgend jaar dichter bij 1,60 euro dan bij 1,40 euro kan liggen. Postzegels die je nu koopt, blijven overigens gewoon geldig, ook als het tarief later omhoog gaat.

Definitief is de nieuwe prijs nog niet. PostNL maakt de exacte tarieven voor 2027 later dit jaar bekend. Tot die tijd is 1,58 euro een schatting op basis van de maximale ruimte die de toezichthouder heeft toegestaan.

Eén ding lijkt in ieder geval zeker: de tijd dat een postzegel iets kostte waar je nauwelijks bij nadacht, ligt inmiddels definitief achter ons.

Bron: TrendyVandaag

Ook geschreven door: BNR Nieuwsradio, NL Times, Transport Online