Een recente publicatie in het International Journal of Sexual Health plaatst de relatie tussen intimiteit en mentaal welzijn opnieuw in de schijnwerpers. De onderzoekers zagen dat mensen die structureel minder dan één keer per week seks hebben, vaker lagere scores rapporteren op psychologisch vlak.
Dat betekent niet dat weinig seks automatisch leidt tot mentale klachten, maar wel dat beide factoren opvallend vaak samen voorkomen. Die nuance is cruciaal, omdat anders al snel een norm ontstaat die niet voor iedereen geldt.
Eén tot twee keer per week als terugkerend patroon
In de data kwam een frequentie van ongeveer één tot twee keer per week het vaakst naar voren bij deelnemers die minder stress ervaarden en zich emotioneel stabieler voelden. Deze groep gaf ook vaker aan tevreden te zijn over hun relatie.
De onderzoekers benadrukken dat dit geen richtlijn is, maar een patroon dat regelmatig terugkeert in de cijfers. Het gaat daarbij niet alleen om lichamelijk contact, maar om de combinatie van nabijheid, aandacht en wederkerigheid.
Jongvolwassenen reageren sterker op verschillen in intimiteit
Vooral bij jongvolwassenen tussen de twintig en dertig jaar bleek de samenhang sterker zichtbaar. In deze levensfase is intimiteit vaak nauwer verbonden met identiteit en emotionele ontwikkeling.
Tijdens seksuele interactie komen stoffen vrij zoals endorfine en dopamine, die bijdragen aan ontspanning en een positiever gevoel. Daarnaast speelt het ervaren van verbinding en bevestiging een grotere rol, wat juist in deze leeftijdsgroep extra gewicht heeft.
De valkuil van cijfers en prestatiedruk
Experts waarschuwen nadrukkelijk voor het reduceren van seks tot aantallen. Relatie-expert Alexandra Janssen stelt dat een focus op frequentie of prestaties juist spanning kan veroorzaken.
Intimiteit draait volgens haar om veiligheid, comfort en wederzijds plezier, niet om het halen van een norm. Wanneer seks een meetlat wordt, verdwijnt vaak precies datgene wat het waardevol maakt binnen een relatie.
Oorzaak en gevolg lopen door elkaar
Ook co-auteur Mutong Chen plaatst een belangrijke kanttekening bij de resultaten. Mensen die zich mentaal goed voelen, hebben vaak vanzelf meer behoefte aan intimiteit. Daardoor is het lastig om vast te stellen wat oorzaak is en wat gevolg.
Minder seks kan samenhangen met mentale klachten, maar net zo goed een gevolg zijn van stress, somberheid of relationele spanningen. Dat maakt simpele conclusies misleidend.
Intimiteit als signaal, niet als maatstaf
De kracht van het onderzoek zit vooral in het vergroten van bewustzijn. Intimiteit kan een signaal zijn van hoe iemand zich voelt, zowel individueel als binnen een relatie. Het is geen universele maatstaf voor mentale gezondheid.
Wat telt, is openheid over behoeften en verwachtingen, zonder vergelijking met gemiddelden. Juist dat gesprek draagt bij aan gezondere relaties en een realistischer kijk op welzijn.
Discussie hierover blijft waardevol. Deel ervaringen of inzichten en praat mee op Facebook.