Een viswinkel in Hoek van Holland, een onverkochte portie kibbeling en een vrouw met een niqab. Het lijkt een lokaal akkefietje, maar bijna vier jaar later ligt de zaak opnieuw op het bordje van Den Haag. En PVV-Kamerlid Marjolein Faber zorgt ervoor dat het vuurtje fors wordt opgestookt.
Wat er die septemberdag gebeurde
Het incident speelde op 25 september 2022. Een vrouw met een gezichtsbedekkende sluier wilde kibbeling kopen bij de lokale viszaak. De ondernemer weigerde haar te bedienen omdat hij haar gezicht niet kon zien.
De vrouw deed aangifte van discriminatie. Het Openbaar Ministerie besloot aanvankelijk om de visboer niet te vervolgen. Volgens de officier van justitie ontbrak voldoende bewijs voor een kansrijke strafzaak.
Daarmee leek het dossier gesloten. Maar de klaagster legde zich niet bij die beslissing neer en startte een artikel 12-procedure, waarin een hof opnieuw naar de afweging kan kijken.
Gerechtshof draait het besluit alsnog terug
Eerder dit jaar oordeelde het gerechtshof in Den Haag dat het OM de visboer toch moet vervolgen. Volgens het hof zijn er voldoende aanknopingspunten voor een strafzaak wegens discriminatie op grond van godsdienst.
Het hof keek onder meer naar verklaringen van betrokkenen en de camerabeelden uit de zaak. Ook de ernst van de gestelde gedraging speelde mee in de afweging. De strafzitting zelf moet nog komen.
Tot die tijd hangt boven de winkel een vraag waarop het hele land binnenkort het antwoord wil horen: mag je een klant weigeren omdat je haar gezicht niet ziet, als ze het bedekt vanuit haar geloof?
De positie van Marjolein Faber
Faber is bepaald geen onbekende in dit type debat. Ze zit sinds 2009 bij de PVV, was jarenlang Eerste Kamerlid en fractievoorzitter, en in het kabinet-Schoof was ze minister van Asiel en Migratie. Inmiddels is ze terug op haar Kamerzetel.
Tijdens haar ministerschap haalde ze meermaals het nieuws met scherpe uitspraken over migratie en Koninklijke onderscheidingen. Nu pleit ze opnieuw voor een lintje, maar dan voor de visboer in plaats van een dagvaarding. Volgens Faber komt de ondernemer op voor wat zij een open Nederlandse samenleving noemt.
Voor haar achterban is dat een vertrouwd geluid. Voor andere fracties ligt het politiek gevoeliger, juist omdat het om een lopende strafzaak gaat.
Mag een Kamerlid zich zo uitspreken?
Politiek commentatoren wijzen erop dat een volksvertegenwoordiger die expliciet kant kiest in een nog te voeren strafzaak op gespannen voet kan staan met de scheiding der machten. Het is uiteindelijk aan de rechter om te bepalen of de wet is overtreden, niet aan de Tweede Kamer.
Faber lijkt zich daar weinig van aan te trekken. Haar boodschap is consequent met wat ze al jaren uitdraagt: gezichtsbedekkende kleding hoort volgens haar niet thuis in het Nederlandse publieke leven.
Wat zegt de wet precies?
Sinds 2019 geldt in Nederland een gedeeltelijk verbod op gezichtsbedekkende kleding. Dat geldt in het openbaar vervoer, in onderwijs- en zorginstellingen en in overheidsgebouwen. Een viswinkel valt daar niet onder.
In een private winkel bepaalt de ondernemer in beginsel zelf het beleid. Die vrijheid is alleen niet onbegrensd: de Algemene wet gelijke behandeling verbiedt onderscheid op grond van onder meer godsdienst. En voor veel vrouwen is een niqab een religieuze uiting.
De vraag die de strafrechter dus moet beantwoorden, is of het weigeren van deze klant in deze concrete situatie neerkomt op discriminatie. Daar gaan juristen en politici al langer over in discussie, zonder dat er een eenduidig antwoord ligt.
Hoe een portie kibbeling uitgroeit tot symbool
Wat begon als een woordenwisseling over een bestelling vis, is uitgegroeid tot een principiële zaak. Voorstanders van de visboer noemen de vervolging doorgeschoten en wijzen op de praktische kant van bedienen zonder zichtbaar gezicht. Critici stellen dat een winkelier klanten niet zomaar mag wegsturen om hun geloof.
De interventie van Faber maakt die tegenstelling alleen maar scherper. Door zich zo nadrukkelijk aan één kant te scharen, schuift ze de zaak van een lokale kwestie naar het nationale toneel. Voor de visboer betekent dat meer aandacht, voor de vrouw die aangifte deed ook.
Hoe de rechter uiteindelijk zal oordelen, is nog volledig open. Wel staat vast dat de uitkomst zwaar gaat wegen voor vergelijkbare conflicten in winkels, horeca en andere publieke plekken. Tot die tijd blijft elke nieuwe stap in dit dossier de gemoederen verhitten.
Bron: Manflix
Ook geschreven door: Rechtspraak.nl, NieuwRechts